Verslagen
Verslagen
Twee invalshoeken voor duurzaamheid: Annemarie Rakhorst en Ton Matton
Herbouw voormalig DDR-huis op De Eenvoud
door Thijs Wartenbergh
De gemeente Almere heeft duurzaamheid hoog in het vaandel staan. Niet voor niets kennen we de Almere Principles, waarin uitgangspunten voor duurzaam bouwen staan vermeld. De ‘Principles’ werden onlangs door wethouder Adri Duivesteijn een van de belangrijkste wapenfeiten uit zijn wethouderschap van de afgelopen vier jaar genoemd. Anne-Marie Rakhorst, zo langzamerhand de ‘duurzaamheidskoningin van Nederland’, en Ton Matton, hadden daarom voor hun lezingen over duurzaamheid op 13 januari, georganiseerd door Casla, nauwelijks een passender omgeving kunnen kiezen.
Want Almere begint zo langzamerhand steeds meer duurzaamheid te ademen. In het duurzaamheidslab, een uitvloeisel van de Principles en het ‘Cradle to Cradle-principe ’, worden ideeën ontwikkeld voor deze aanpak, de al bestaande ‘Buitenkans’ krijgt niet voor niets busladingen vol buitenlandse geïnteresseerden te verwerken (aldus een van de aanwezigen, initiatiefnemer van deze milieuvriendelijke enclave en zelfbouwer van zijn woning, Mark Crijns) en elk nieuw bouwplan wordt langs de ‘duurzaamheidslat’ gelegd. Nieuwe ideeën voor het Homeruskwartier, waarbij de Duitse stad Tϋbingen als voorbeeld geldt, worden stevig op duurzaamheid geënt.
Haar lezing had de titel ‘Meervoudige winst’ meegekregen. Die is haalbaar, aldus Rakhorst, als je bereid bent pseudo problemen uit de weg te ruimen. “Mensen zien al gauw beren op de weg”, zei ze. “Je kunt die beren, echter even makkelijk vervangen door oplossingen. Dat kost wel inzicht en durf. We moeten inzien dat steden, en de mobiliteit die daarbij hoort, de grootste energieslurpers zijn. Een maatregel is bijvoorbeeld compacter bouwen. Daar moeten we niet bang voor zijn, ook als we denken dat we nog heel veel ruimte hebben.”
Nederland is rijk en goed opgeleid, ging ze verder, wat alle kansen biedt om innovatief bezig te zijn. Waarom lopen we internationaal gezien dan toch zo ver achter? Neem windmolens. Er zijn veel bezwaarprocedures als het om plaatsing gaat, die betrekking hebben op de esthetiek. Maar straks zitten we met een veel lelijker probleem, zoals het gebrek aan fossiele brandstoffen. En windenergie kan ook mooi zijn. Op het kantoor van Search, het bedrijf van Rakhorst, staat een 12 meter hoge windturbine die er prachtig uitziet. Samen met de aanwezige zonnepanelen is er in het gebouw een geïntegreerde energieoplossing gevonden. Intelligente, effectieve en mooi oplossingen moeten navolging vinden, meent Rakhorst. Willen we tenminste Duitsland gaan inhalen, dat inmiddels 20% duurzame energie opwekt, tegen 4 % in ons land.
Maan
Hoe kunnen we die inhaalslag maken? “Daarvoor is lef en ambitie nodig. Rakhorst citeert de beroemde woorden van John F. Kennedy, die ooit zei: ‘Ik weet niet wat het kost, maar we zullen op de maan komen!’ Of, zoals generatiegenoot Martin Luther King ooit zei: ‘I have a dream!’. “En duurzaamheid hoeft niet duurder te zijn dan een reguliere aanpak, dat bewijzen we met ons kantoor”, aldus Rakhorst. “We moeten toe naar schoner vervoer, maar dichterbij huis kan ook een en ander geregeld worden. Vang regenwater op en gebruik dat om het toilet door te spoelen, leg een vijver met inheemse planten aan, maak gebouwen die gefilterde lucht teruggeven aan het milieu, hergebruik bouwmateriaal. We moeten, uiteindelijk, toe naar productievormen die geen afval produceren.”
Duurzame energie, daar bleef ze op hameren, kan financieel goed uitpakken. “Bijvoorbeeld als je meer energie opwekt dan je zelf verbruikt. Dan is het kassa. We gaan dan op den duur naar een meervoudige winst: voor burgers, bedrijven en en het milieu. Duurzaamheid begint bij respect, vertrouwen en samenwerking. Er is veel mogelijk, ook op kleine schaal, zoals de kunstenaar Robert Jansen bewees. Hij bouwde in Heeswijk-Dinther een huis van stro “. (zoals Marc Crijns dat ook op de Buitenkans heeft gedaan!).
Bouwmarkten kunnen een belangrijke rol spelen door duurzame producten aan te bieden en daar goede voorlichting over te geven. “Er moet voldoende gecertificeerd hout voorhanden zijn in dit soort winkels. Nu kopen consumenten vaak nog verkeerd hout. Kennis over duurzaamheid moet verspreid worden. Het moet op een bepaald moment zo zijn dat het duurzaamheids-dna in je zit. Je moet er automatisch mee bezig zijn.”
"Men neme een zak cement…"
Stedenbouwkundige en kunstenaar Ton Matton liet vervolgens horen wat er mogelijk is als je een huis uit de voormalige DDR koopt (voor 6000 euro), afbreekt, hierheen vervoert en vervolgens elders weer opbouwt. Hij doet dat in het kader van Eenvoud, een nieuw project met een bouwregelluwe aanpak in de traditie van De Fantasie en De Realiteit. Hij heeft er ook een boek over geschreven, onder de titel ‘Type EW 58/08’. Een soort kookboek voor degenen die zo’n huis in Nederland willen neerzetten met spullen, rechtstreeks uit de Bouwmarkt. Ofwel, ‘men neme een zak cement…’.
Matton, zelf woonachtige in Mecklenburg, voormalig DDR, zag zo´n huis bij hem in de straat. Hij zag zulke huizen overal in de DDR. De uit de jaren 50 daterende woningen, Type EW 58-08, zijn aanvankelijk door de bewoners zelf gebouwd op basis van de bouwtekeningen en rechtstreeks in de winkel beschikbare materialen, samen met vrienden, kennissen en buren, waarbij er een levendige ruilhandel ontstond. ‘Ik heb voor jou dakpannen, heb jij dan voor mij…?’ In de loop van de jaren werden ze door de bewoners op hun eigen manier aangevuld met trappen, portieken, terrassen en dakkapellen. Nu vormen ze een staalkaart van individuele smaken en persoonlijke inventiviteit.
Volgens Matton moeten we letterlijk terug naar dat soort eenvoud en het overzichtelijkheid. Weg van de complexiteit van de huidige overgeorganiseerde samenleving, onze bureaucratische eenvormigheid, waar er geen ruimte is voor creativiteit, en vooral: weg van de verfoeide Vinex-wijken. Wat past daar beter in dan een eenvoudige DDR-woning, geserveerd met een handleiding voorzien van bouwtekeningen en vergunningaanvragen?
Matton bracht het idee naar Almere als inbreng in de prijsvraag Eenvoud. “Chinezen, die nu ook al hele machines afbreken en verschepen naar China, kunnen het huis slopen, Polen kunnen voor het transport zorgen en Duitsers kunnen hier, in Almere, de woning weer opbouwen. Zij hebben er immers ervaring mee”. Een mooi cradle-to-cradle-project, zonder afval van de oorspronkelijke producten. Niet voor niets spreekt zoiets in Almere tot de verbeelding.
Wie hier wil bouwen hoeft alleen nog maar naar de winkel. De architect is overbodig geworden. Zijn rol verandert: “Een architect wordt een vormgever van je leven, een soort levensloopbemiddelaar. Hij zoekt een antwoord op je individuele woonwensen”, aldus Matton. Zo’n woning kun je autarkisch maken. Riool en wateraansluiting zijn niet nodig. Je doet het met een composttoilet, gebruikt regenwater voor de was, drinkwater koop je in de winkel, installeert een houtkachel en je gebruikt zonnepanelen voor je energie “Ik weet het want zo leef ik zelf`, betoogt Matton. Ik verdien daar flink wat geld op. Energie kost mij niets”, zei Matton met enige voldoening. Hij liet verder weten dat het DDR-huis niet exact gekopieerd wordt. "Er worden nu al zoveel mogelijk kozijnen, deuren en dakpannen verzameld." Het echtpaar Mark en Els Filerius, dat in het huis gaat wonen, was eveneens aanwezig en kunnen nauwelijks wachten om met de bouw van het huis te beginnen. Mark is van plan veel zelf te gaan doen aan het huis.
Duurzaam inkopen
Gedeputeerde John Bos liet, daarbij gesteund door wethouder Jop Fackeldey uit Lelystad, weten dat zowel de provincie als Lelystad duurzaam inkopen. Bos zei dat zelf bouwen, en dat ook nog duurzaam, goed past bij een progressieve en innoverende provincie als Flevoland. Beiden beloofden op duurzaam gebied een grote slag te willen maken. Om het zelfbouwen geen strobreed in te weg te leggen zullen ze de daarvoor benodigde regels op korte termijn aanpassen.
Almere doet dat al, zoals eerder gesteld, en vindt is gelukkig met de opstelling van dit tweetal partners. Maarten Pel van De Alliantie gaf aan dat ook zijn woningcorporatie duurzaamheid alle aandacht wil geven. Er ontstond, terwijl Ans van Berkum daar vanaf het podium lichtelijk druk op uitoefende, steeds meer enthousiasme in de zaal. De een durfde niet meer voor de ander achter te blijven. In die sfeer lieten representanten van Gamma en Praxis, die kennelijk ook doordrongen raken van de noodzaak, weten duurzaamheid en zelfbouw bovenaan hun prioriteitenlijst te zullen plaatsen.
